AI Geletterdheid Checklist

AI Geletterdheid Checklist voor Organisaties

Hoe AI-geletterd is uw organisatie? Gebruik deze checklist om het huidige niveau te beoordelen en gerichte verbeterstappen te plannen.

AI geletterdheid checklist voor organisaties

Een AI-geletterdheid checklist geeft organisaties een eerlijk beeld van het huidige niveau van bewustzijn, gebruik en governance, maar alleen als hij vanuit de werkelijkheid wordt ingevuld, niet vanuit de ambitie. De resultaten zijn een startpunt voor gerichte verbetering, niet een eindbeoordeling. De EU AI Act (artikel 4) verplicht organisaties een passend niveau van AI-geletterdheid te waarborgen en aantoonbaar te maken: deze checklist is een nulmeting voor dat compliance-dossier.

De checklist is opgebouwd in drie delen: bewustzijn en kennis, praktisch gebruik, en beleid en governance. Samen beslaan ze de breedte van wat AI-geletterdheid voor een organisatie inhoudt.

Wat meet deze checklist? Niet of uw organisatie de nieuwste AI-tools gebruikt, maar of medewerkers begrijpen wat AI is en wat het niet is, of ze het verantwoord inzetten, en of er beleid en kaders zijn die dat gebruik sturen.

Hoe deze checklist te gebruiken

Vul de checklist in vanuit de werkelijkheid, niet vanuit de ambitie. Een item is alleen aangevinkt als het daadwerkelijk het geval is, niet als het in ontwikkeling is of als er plannen voor zijn. Plannen tellen pas mee als ze zijn uitgevoerd.

De checklist is geschikt voor twee doeleinden:

  • Nulmeting: voordat u begint met een AI-geletterdheidsprogramma. De resultaten bepalen waar u staat en waar de prioriteiten liggen.
  • Voortgangsmeting: na zes of twaalf maanden, om te zien wat er verbeterd is en waar de gaps nog steeds zitten.

Betrek bij het invullen minimaal HR, IT en een vertegenwoordiger van de operationele afdelingen. Zelfevaluatie door één persoon geeft een vertekend beeld. Bespreek de resultaten in teamverband voordat u conclusies trekt.

Elk deel telt maximaal 10 punten (één punt per item). Een totaalscore van 30 is het maximum. Gebruik de score als richting, niet als absoluut oordeel, context telt altijd mee.

Checklist deel 1: bewustzijn en kennis

Dit deel gaat over wat medewerkers weten en begrijpen over AI. Bewustzijn is de basis. Zonder begrip van wat AI is en hoe het werkt, is veilig en effectief gebruik niet mogelijk.

Basiskennis AI

De meeste medewerkers kunnen in eigen woorden uitleggen wat AI is en wat het onderscheidt van gewone software.
Medewerkers begrijpen het verschil tussen generatieve AI (tekst/beeld genereren) en andere AI-toepassingen (classificeren, voorspellen).
Er is bewustzijn van wat hallucinaties zijn: dat AI overtuigend klinkende maar feitelijk onjuiste informatie kan produceren.
Medewerkers kennen het concept van AI-bias en begrijpen dat AI-systemen vooroordelen uit trainingsdata kunnen weerspiegelen.

Kritisch bewustzijn

Medewerkers weten dat AI-output altijd geverifieerd moet worden bij feitelijke of beslissingsrelevante informatie.
Er is bewustzijn van privacyrisico's bij het invoeren van vertrouwelijke of persoonsgebonden informatie in AI-tools.
Medewerkers begrijpen dat AI geen verantwoordelijkheid draagt, die ligt altijd bij de menselijke gebruiker.

Regelgeving en context

Medewerkers die met AI werken, weten dat de EU AI Act verplichtingen oplegt aan de organisatie, waaronder een AI-geletterdheidsplicht.
Er is bewustzijn dat bepaalde AI-toepassingen in de organisatiecontext als hoog-risico kunnen worden beschouwd.
Managers en HR begrijpen de relatie tussen AI-gebruik en AVG-verplichtingen (verwerking van persoonsgegevens via AI-tools).

Score deel 1: tel het aantal aangevinkte items (max. 10). Noteer uw score voor de eindberekening.

Checklist deel 2: praktisch gebruik

Dit deel gaat over hoe AI daadwerkelijk wordt gebruikt in de organisatie. Een organisatie kan veel weten over AI maar het nauwelijks toepassen, of het juist toepassen zonder voldoende kennis. Beide situaties zijn onwenselijk.

Toepassing in het werk

Een deel van de medewerkers gebruikt AI-tools structureel als onderdeel van hun werkproces, niet alleen incidenteel.
Medewerkers weten hoe ze effectieve prompts schrijven: een duidelijke taakstelling geven met relevante context.
Er zijn in de organisatie concrete use cases geïdentificeerd waar AI aantoonbaar tijd bespaart of kwaliteit verhoogt.
Medewerkers weten welke AI-tools door de organisatie zijn goedgekeurd en welke ze niet mogen gebruiken voor werkdoeleinden.

Verificatie en verantwoord gebruik

Medewerkers controleren standaard de feitelijke juistheid van AI-gegenereerde informatie voordat ze die gebruiken of doorsturen.
Er zijn afspraken of richtlijnen over welke informatie wel en niet in AI-tools mag worden ingevoerd.
Medewerkers zijn transparant over hun AI-gebruik: ze vermelden wanneer een document of output (mede) door AI is gegenereerd.

Leren en delen

Er zijn plekken of momenten waarop medewerkers ervaringen met AI-gebruik kunnen delen (teamoverleg, intern forum, kennissessies).
Medewerkers durven fouten met AI te melden of bespreken, zonder angst voor afstraffing.
De organisatie investeert actief in het bijhouden van AI-kennis, niet alleen in eenmalige training.

Score deel 2: tel het aantal aangevinkte items (max. 10). Noteer uw score voor de eindberekening.

Checklist deel 3: beleid en governance

Dit deel gaat over de organisatorische kaders waarbinnen AI-gebruik plaatsvindt. Individuele competenties zijn onvoldoende als er geen beleid, verantwoordelijkheid en toezicht zijn georganiseerd. Dit is ook het deel dat het meest direct raakt aan de wettelijke verplichtingen van de AI Act.

AI-beleid

Er is een vastgesteld AI-beleid of gebruiksrichtlijn die medewerkers vertelt wat wel en niet is toegestaan bij het gebruik van AI-tools.
Het beleid is actueel en wordt regelmatig herzien, niet ouder dan twaalf maanden en afgestemd op de huidige toolset.
Medewerkers weten dat het beleid bestaat en weten waar ze het kunnen vinden.

Verantwoordelijkheid en toezicht

Er is een aangewezen persoon of functie verantwoordelijk voor AI-compliance in de organisatie.
Voor AI-systemen die worden ingezet is bepaald wie verantwoordelijk is voor het toezicht op de uitkomsten.
Er is een procedure voor het melden en opvolgen van incidenten met AI-gebruik (foutieve output, privacyschending, biasincidenten).

AI Act en compliance

Er is een inventarisatie gemaakt van welke AI-systemen de organisatie gebruikt, inclusief ingekochte SaaS-tools met AI-functionaliteit.
De risicocategorie van gebruikte AI-systemen is bepaald (verboden / hoog-risico / beperkt / minimaal) conform de EU AI Act.
Voor hoog-risico AI-systemen zijn de vereiste maatregelen geïmplementeerd (documentatie, menselijk toezicht, transparantie naar betrokkenen).
De organisatie voldoet aan de AI-geletterdheidsplicht van artikel 4 van de AI Act: medewerkers die met AI werken zijn aantoonbaar getraind.

Score deel 3: tel het aantal aangevinkte items (max. 10). Noteer uw score voor de eindberekening.

Checklist deel 4: leiderschap en management

Leidinggevenden spelen een aparte rol in de AI-geletterdheid van een organisatie. Ze hebben niet dezelfde vaardigheden nodig als operationele medewerkers, maar wel andere: strategisch inzicht, risicobewustzijn en het vermogen om het goede voorbeeld te geven. Zonder betrokken management blijft AI-geletterdheid hangen op individueel niveau en bereikt het nooit de organisatie als geheel. Meer hierover in AI-geletterdheid voor managers.

Strategisch en juridisch bewustzijn

De leidinggevende begrijpt hoe generatieve AI werkt en wat het structureel niet kan, ook zonder technische achtergrond.
De leidinggevende kent de organisatorische gevolgen van de AI Act, waaronder de verplichte AI-geletterdheid van medewerkers (artikel 4).
De leidinggevende heeft een standpunt geformuleerd over waar en hoe AI wel of niet wordt ingezet binnen zijn of haar team.

Voorbeeldgedrag en cultuur

De leidinggevende heeft zelf actief geëxperimenteerd met minimaal één AI-tool die relevant is voor zijn of haar werkomgeving.
De leidinggevende is transparant over eigen AI-gebruik en bespreekt dit openlijk met het team.
Medewerkers hebben ruimte gekregen om te experimenteren met AI, inclusief de mogelijkheid om fouten te bespreken zonder afstraffing.

Besluitvorming en verantwoordelijkheid

De leidinggevende weet welke beslissingen altijd bij hem of haar blijven en niet gedelegeerd worden aan AI-advies of AI-output.
Er is besproken hoe het team omgaat met AI-adviezen die haaks staan op het professionele oordeel van de medewerker of leidinggevende.

Score deel 4: tel het aantal aangevinkte items (max. 8). Gebruik dit als aanvulling op de totaalscore voor de leiderschapslaag van uw organisatie.

Deel 5: meting en voortgang

Een score op deze checklist is een momentopname, geen eindoordeel. De waarde zit in het patroon: welke deelgebieden scoren consistent lager, en wat verklaart dat? Een organisatie van tien mensen heeft andere startcondities dan een bedrijf van tweehonderd medewerkers, de score moet worden geïnterpreteerd in context, niet absoluut.

Hoe vaak meten

Plan een hermeting na zes maanden als u actief aan verbetering werkt, of na twaalf maanden als de veranderingen meer gradueel verlopen. Zorg dat de hermeting op dezelfde manier wordt ingevuld, bij voorkeur door dezelfde combinatie van functies (HR, IT, operationeel), zodat de scores onderling vergelijkbaar zijn. Een hermeting die anders is ingevuld dan de nulmeting vergelijkt appels met peren.

Benchmarks als richting, niet als norm

Er zijn geen universele benchmarks voor AI-geletterdheid in Nederlandse organisaties. De volgende richtlijnen gelden als werkbaar referentiekader:

  • Score 0–10 (Startfase): Fundamentele stappen ontbreken. Prioriteit ligt bij basisbewustzijn en een eerste AI-beleid, verdere investeringen wachten tot dit fundament er is.
  • Score 11–20 (In ontwikkeling): Basis aanwezig, maar gaps zijn substantieel. Gerichte investering per zwak deelgebied is effectiever dan brede, generieke programma's.
  • Score 21–30 (Gevorderd): Sterke positie. Focus op continuïteit, aanscherping van bestaande kaders en borging, niet op uitbreiding.

Wat te doen met de uitkomsten

Deel de resultaten intern met MT en HR, niet als rapportcijfer, maar als diagnose. Gebruik de deelscores om concrete verbeterdoelen te formuleren voor het komende kwartaal. Koppel die doelen aan meetbare activiteiten: een training voor een specifieke functiegroep, de vaststelling van een AI-gebruiksbeleid, of een eerste AI-inventarisatie. Zo wordt deze checklist een terugkerend sturingsinstrument in plaats van een eenmalige oefening. Zie voor de methodiek achter het meten van AI-geletterdheid: AI-geletterdheid meten: methoden en instrumenten.

Vervolgstappen op basis van resultaat

Tel uw drie deelscores op voor de totaalscore (max. 30). Gebruik de volgende indeling als richting voor uw vervolgstappen:

Startfase
0–10
Fundamentele stappen ontbreken. Begin met basisbewustzijn en een AI-beleid.
In ontwikkeling
11–20
Basis is er, maar gaps zijn substantieel. Gerichte verdieping per zwak onderdeel.
Gevorderd
21–30
Sterke basis aanwezig. Focus op continuïteit en aanscherping op resterende punten.

Als deel 1 laag scoort (0–3): begin met bewustzijn

Organiseer een breed basisprogramma over wat AI is, hoe het werkt en welke risico's het meebrengt. Richt dit op alle medewerkers, niet alleen op early adopters. Zorg dat het concreet is: gebruik voorbeelden uit de eigen werkomgeving, niet abstracte definities. Zonder dit fundament zijn investeringen in tooltraining of beleid weinig effectief.

Als deel 2 laag scoort (0–3): richt op praktijk

Kennis is aanwezig, maar vertaalt zich onvoldoende naar gebruik. Dat kan liggen aan drempels (geen toegang tot tools, onzekerheid over wat mag), aan gebrek aan concrete use cases, of aan een cultuur waarin AI-gebruik wordt afgeraden. Analyseer de oorzaak en adresseer die gericht. Werkplekleren (AI inzetten voor een concreet werkprobleem onder begeleiding) werkt effectiever dan aanvullende theorie.

Als deel 3 laag scoort (0–3): zet governance op de agenda

Medewerkers mogen niet in een beleidsvacuüm opereren. Als er geen AI-beleid is, geen aangewezen verantwoordelijke en geen inventarisatie van gebruikte systemen, loopt de organisatie juridische en reputationele risico's en voldoet ze niet aan de AI Act. Prioriteer een eenvoudig maar vastgesteld AI-beleid, een AI-inventarisatie, en een aanspreekpunt voor compliance. Dat hoeft niet perfect te zijn om effectief te zijn.

Als de totaalscore hoog is maar één deelgebied laag

Richt de verbeterinspanning op het specifieke deelgebied dat achterblijft. Sterke kennis zonder governance-kaders is een risico. Goed beleid zonder praktisch gebruik is papier. Gebruik het zwakste deel als prioriteit voor de komende zes maanden.

Gebruik de AI compliance stappenplan voor concrete actie op governance, en de meetmethoden voor AI-geletterdheid voor een diepere analyse van competentieniveaus per medewerker of afdeling. Meer over de wettelijke basis en nationaal beleid bij de Rijksoverheid over kunstmatige intelligentie.

Aan de slag

  • Vul de checklist eerlijk in vanuit de werkelijkheid, niet de ambitie, alleen dan levert het bruikbare sturingsinformatie.
  • Gebruik de score per deelgebied als actieprioriteit: laag op deel 1 → basisbewustzijnstraining, deel 2 → werkplekleren, deel 3 → governance-kaders.
  • Plan een hermeting na zes tot twaalf maanden om de ontwikkeling van AI-geletterdheid in je organisatie zichtbaar te maken.
  • Sluit governance-gaps voor de EU AI Act, een ontbrekende AI-inventarisatie of ontbrekend beleid is een compliance-risico.
  • Gebruik de zwakste deelscore als prioriteit voor de komende zes maanden en koppel er een concreet actieplan aan.

Veelgestelde vragen

Waarvoor gebruik je een AI-geletterdheid checklist?

Een AI-geletterdheid checklist geeft een eerlijk beeld van het huidige niveau van AI-bewustzijn, praktisch gebruik en governance in een organisatie. Het is een nulmeting voor de start van een AI-geletterdheidsprogramma, en een voortgangsinstrument na zes of twaalf maanden.

Welke drie gebieden meet de checklist?

De checklist meet: (1) bewustzijn en kennis, begrijpen medewerkers wat AI is en welke risico's het meebrengt; (2) praktisch gebruik, wordt AI effectief en verantwoord ingezet in de werkpraktijk; (3) beleid en governance, zijn er kaders, verantwoordelijkheden en compliance-maatregelen georganiseerd.

Wat doe je als de checklist een lage score geeft?

Analyseer welk deelgebied het laagst scoort en richt de verbetering daar op. Een lage score op bewustzijn vraagt om basisbewustzijnstraining. Een lage score op praktisch gebruik vraagt om werkplekleren en concrete use cases. Een lage score op governance vraagt om AI-beleid, een AI-inventarisatie en een aangewezen verantwoordelijke.

Scroll naar boven